Landelijk Platform GGz
Maliebaan 87
3581 CG Utrecht

Postbus 13223
3507 LE Utrecht
030-2363765


Veranderingen in de basis-ggz 2014 op een rij
11 juli 2013

Veranderingen in de basis-ggz vanaf 2014

De positie van de huisarts, de POH-ggz
(Praktijk Ondersteuner Huisarts) en hulpverleners in de basis-ggz wordt vanaf 2014 versterkt zodat
doorverwijzing naar de duurdere 2e lijns-ggz minder snel plaatsvindt. Wat is nieuw, wat wordt gewijzigd en wat verdwijnt er? Een overzicht.


Wat is nieuw?
Vanaf 2014 komen er vier producten in de basis-ggz voor vier clŽntengroepen. Deze
producten worden getypeerd als ‘kort’, ‘middel’, ‘intensief’ en ‘chronisch’. De basis-ggz
biedt alleen zorg aan mensen met lichte, niet-complexe ggz-problematiek. Bij de groep ‘chronisch’ gaat het om stabiele problematiek: het betreft mensen die met enige vorm
van regelmatige hulp of ondersteuning o.a. in staat zijn zelfstandig te wonen, te werken
en sociale contacten te onderhouden. Mensen die door (F)ACT teams worden ondersteund
of zijn opgenomen in ggz-instellingen vallen niet onder de basis-ggz. De minster wil
daarnaast ook dat er in de huisartsenpraktijk en in de basis-ggz meer aandacht komt
voor vergroting van zelfmanagement en preventie. De vier nieuwe basis-ggz ‘zorgproducten’
kunnen wisselend bestaan uit:

- intake, diagnostiek, ROM en verslaglegging;
- aanvullende psychodiagnostiek;
- behandeling - face-to-face, e-health en blended (zowel face-to-face als e-health)
- consultatie.

De beschikbare tijd per cliŽnt is afhankelijk van de zorgzwaarte:

- kort: 300 minuten
- middel: 500 minuten
- intensief: 700 minuten
- chronisch: moet nog vastgesteld worden

Wie verleent vanaf 2014 zorg in de basis-ggz?
De verschillende zorgproducten kunnen worden aangeboden door meerdere disciplines
die daartoe bevoegd en bekwaam zijn: psycholoog, psychotherapeut, psychiater, sociaal psychiatrisch verpleegkundige, etc.. Zorgverzekeraars en zorgaanbieders gaan afspraken
maken hoe de taken het beste verdeeld kunnen worden en wat de rol van de hoofdbehandelaar wordt. Het streven is dat de zorg steeds wordt geboden door die hulpverlener die daartoe
het best geŽquipeerd is en die de gewenste zorg het meest doelmatig kan aanbieden. 

Nieuwe rol van de huisarts
De huisarts blijft persoonlijke en laagdrempelige zorg bieden. Hij krijgt meer mogelijkheden
om praktijkondersteuning in te huren en om e-health aan te bieden. Daarnaast krijgt hij de beschikking over extra instrumenten om patiŽnten beter en sneller op ggz-problematiek te
kunnen screenen en om een psychiater (of andere specialisten) te consulteren. In 2013 is
hiervoor al € 7 miljoen extra beschikbaar gesteld. Door de nieuwe plannen komt hier in
2014 eerst € 25 miljoen en vanaf 2015 jaarlijks € 35 miljoen bij.
De huisarts verwijst de patiŽnt door naar de basis-ggz of de gespecialiseerde ggz als de benodigde zorg meer is dan de huisarts kan bieden. Verwijzing vindt plaats op basis van
een aantal criteria: het vermoeden van een psychische stoornis, de ernst, de complexiteit,
de risico’s en het te verwachten beloop van de klachten. De huisarts blijft hoofdverant-
woordelijk voor de patiŽnt en het doorverwijzingsproces. 

De rol van de POH-ggz
De huisarts mag zelf bepalen of hij een praktijkondersteuner (POH-er) in dienst neemt
of praktijkondersteuning inhuurt. In beide gevallen blijft de huisarts de verantwoordelijke behandelaar. In 2013 was er al extra geld voor POH, in 2014 en 2015 wordt dat meer.

Verwijzing
Als de huisarts verwijst naar de gespecialiseerde ggz (v/h2e lijn) voor diagnostiek en er
blijkt gťťn DSM-stoornis te zijn, dan stopt de behandeling en wordt de patiŽnt terug naar
de huisarts verwezen. De ‘behandeling’ (diagnostiek) wordt tot dan toe vergoed. In de gespecialiseerde ggz blijft er voldoende keuzevrijheid voor de patiŽnt door wie hij/zij
behandeld wil worden.

Wat verdwijnt er?
De vergoeding van max. 5 zittingen eerstelijns psychologische zorg, de eigen bijdrage en
de eigen bijdrage voor internetbehandeling (e-health) komen te vervallen.

Monitoring
De veranderingen in de basis-ggz vragen om een goede monitoring. Er zal o.a. worden
gekeken naar:
- verwijsgedrag van de huisarts
- een patiŽntvolgend systeem (hoe doorlopen zij de keten?)
- het aantal ‘goede’ en ‘foute’ verwijzingen, zodat er van geleerd kan worden;
- welke informatie verzekeraars gebruiken om afspraken te maken;
- hoe het proces van zorginkoop en declaratie verloopt;
- hoe voorspelbaar de zorgzwaarte en de zorgproducten (kunnen) zijn;
- welke tarieven afgesproken worden voor welke producten en met welke (objectieve) criteria;
- de verschuivingen die zich op macro-economisch niveau voordoen.

Hoe gaat het verder?
Het ministerie zal zo spoedig mogelijk een communicatietraject starten via de website
van VWS. De komende maand zal de Nederlandse ZorgAutoriteit (NZA) beleidsregels
opstellen voor de basis-ggz en de POH-ggz en de tarieven vaststellen.

Rol van het Landelijk Platform GGz
Omdat het Landelijk Platform GGz nauw betrokken is geweest bij de uitwerking van
dit onderdeel van het bestuurlijk akkoord, worden we door de NZA geconsulteerd bij het
opstellen van de nieuwe beleidsregels. Zo kunnen we erop toezien dat er voldoende
passende en kwalitatieve zorg in de basis-ggz wordt geboden. Naast de monitor zal
het LPGGz zelf ook de vinger aan de pols gaan houden dor meldingen uit de achterban
te verzamelen.

Meer lezen?
Brief van VWS over de Invoering van de Generalistische Basis-GGZ en de verruiming van de poh-ggz van 17 mei jl.

Onderzoeksrapport van Bureau HHM 'Generalistische Basis-ggz, verwijsmodel en productbeschrijvingen'

 

Meer nieuws...


lidorganisaties
Balans
Ypsilon
Nederlandse Vereniging voor Autisme
Labyrint/In Perspectief
Stichting Anorexia en Boulimia Nervosa
Stichting Borderline
Depressievereniging
Impuls
Ixta Noa
Stichting Weerklank
Nederlandse Hyperventilatie Stichting
Landelijke Stichting Zelfbeschadiging
Vereniging voor Manisch-Depressieven en Betrokkenen
Landelijke Stichting Ouders en Verwanten van Druggebruikers
Anoiksis
Angst Dwang en Fobie stichting
Caleidoscoop